Vier belangrijke nadelen van no-code die je moet kennen.

april 26, 2018 | Bas van der Meer |

No-code. Een term die je steeds vaker gebruikt hoort worden en regelmatig in de media terugleest. Niet voor niets: het is een tijd- en kostenbesparende manier van programmeren. Zo wordt het maken van een app of site voor veel meer mensen toegankelijk. Toch is er behoorlijk wat af te dingen op deze hype. De kans is zelfs groot dat jouw ambities niet passen bij deze methode. Dit zijn de vier nadelen van no-code waar je je bewust van moet zijn, voor je bepaalt op welke manier je software of applicaties ontwikkelt.

Wat is no code?

Zoals de naam al doet vermoeden, biedt no-code de mogelijkheid om software of applicaties te ontwikkelen zonder daadwerkelijk code te hoeven schrijven. Hoe het dan wel werkt? Je maakt gebruik van visuele tools, waarbij je functionele componenten selecteert en in een visuele flow plaatst. Bij no-code kan je gebruikmaken van een bibliotheek met functies, waaruit geput kan worden om bijvoorbeeld een app te ontwikkelen. Zo hoef je geen technische vaardigheden te hebben om toch software te kunnen ontwikkelen. Daarmee wordt de ontwikkeling van applicaties voor veel meer mensen toegankelijk. Dat het zo’n hype is, is dus niet verwonderlijk: iedereen met ambities voor een technische oplossing, lijkt deze zo te kunnen realiseren.

Vergelijk programmeren met een Content Management Systeem. Bij dit content-systeem maak je gebruik van ofwel HTML ofwel WYSIWYG (what you see is what you get). HTML geeft je de mogelijkheid om ‘de achterkant’ van de site vorm te geven: je schrijft niet alleen de webtekst, maar geeft ook commando’s in code: deze tekst is bijvoorbeeld <b> dikgedrukt </b>. Bij de WYSIWYG-optie schrijf je in een meer visuele weergave, zodat je direct ziet welke wijzigingen welke impact hebben op het eindresultaat.

een simpel voorbeeld van No-code

Toch is het gebruiken van no-code methoden niet zaligmakend. Sterker nog, no-code heeft belangrijke nadelen waar je je bewust van moet zijn.

Nadeel 1: Wel de kosten, niet de baten van outsourcing

Het allergrootste nadeel is dat no-code niet bepaald goedkoop is. Sterker nog: het is vaak even duur en dikwijls nog duurder dan outsourcing of nearshoring. Het heeft daarbij significante nadelen. Zo heeft het product geen garantie en bespaart het organisaties geen tijd. Immers, de eigen medewerkers moeten aan de slag met de no-code oplossing. Dat drukt de kosten in feite nog verder omhoog. Onderaan de streep is no-code vaak dus even duur als iets laten programmeren door een externe partij in West-Europa. Dat er geen garanties zijn, maakt het daarbij ook meer risicovol.

Nadeel 2: No-code biedt beperkte mogelijkheden

No-code wordt vaak toegepast door afdelingen binnen organisaties die een oplossing zoeken voor een enkel probleem. Er valt met snelheid en gemak software te ontwikkelen, die een functie vervult die anders misschien nog handmatig uitgevoerd had moeten worden. Er is echter weinig aandacht voor de UX (User Experience, of de gebruikservaring). Er wordt slechts een functionele oplossing voor een probleem ontwikkeld.

Vergelijk het met een tie-wrap: een functionele en snelle oplossing, die solide genoeg is om bepaalde problemen aan te pakken. Meer uitdagende en veelomvattende problemen worden in de regel niet met een tie-wrap opgelost. Die vlieger gaat ook op voor no-code. Ook een vergelijking met lego-blokjes gaat hierbij op: de toepassingen zijn beperkt. Daardoor ligt de focus al snel op wat er met de ‘blokken’ valt te bouwen, dan wat de gebruiker nodig heeft.

Nadeel 3: No-code is slecht schaalbaar

Vaak bieden no-code oplossingen beperkte mogelijkheden om te integreren in een private cloud, binnen de IT-infrastructuur van een organisatie, voor oplossingen van derden, verouderde systemen of systemen die in eigen beheer zijn. Het is dan ook de vraag hoe schaalbaar zo’n oplossing is, als deze niet geïntegreerd kan worden. Het antwoord op deze vraag: een no-code oplossing is vaak niet schaalbaar genoeg om impact te hebben op de bedrijfsdoelstellingen. Juist voor business-kritische applicaties is de state of the art van no-code nog niet ver genoeg ontwikkeld. Dat maakt het een erg beperkte toepassing.

Doordat pure no-code zo geschikt is om een probleem voor een afdeling op een efficiënte manier op te lossen, levert het weer kwaliteiten in op andere aspecten. De schaalbaarheid van no-code is een serieus probleem. Applicaties die voor meerdere afdelingen, gebruikersdoelgroepen en markten bedoeld zijn, worden zelden tot nooit door middel van no-code ontwikkeld.

Nadeel 4: Data valt niet goed op te slaan

Applicaties die ontwikkeld zijn door middel van no-code integreren slecht tot niet met andere systemen. Daardoor is het een flinke uitdaging om data op te slaan die vergaard wordt door dergelijke applicaties. Je hoeft niet verbaasd te zijn als data niet opgeslagen is, niet gestructureerd opgeslagen is en ook kan het voorkomen dat er verschillende kwaliteitsniveaus in de data zijn.

Natuurlijk zijn er – dankzij Europese richtlijnen – haken en ogen aan het gebruik van data. De privacy-rechten van gebruikers worden beschermd dankzij deze AVG. Het is echter nog steeds mogelijk om inzichten uit data vergaren. Dat no-code het zo lastig maakt om data op de juiste manier te verzamelen, is dan ook een serieus probleem voor bedrijven die data willen gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan publieke applicaties.

Overige nadelen: vendor-lock en gebrek aan controle

Andere nadelen aan no-code zijn het gegeven dat er sprake is van een ‘vendor lock’: het is lastig om over te stappen van no-code, zonder dat dit ingrijpende financiële gevolgen heeft. Ook het gebrek aan controle is zorgwekkend. De componenten die gebruikt worden, zijn immers niet door een organisatie zelf geschreven. Hierdoor is het maar de vraag of een applicatie veilig is. Dit brengt ernstige veiligheidsrisico’s met zich mee.

Conclusie

No-code is de tie-wrap van het programmeren: efficiënt en effectief bij simpele problemen. Daarbij lijkt het een goede oplossing voor organisaties die de mogelijkheden van een applicatie intern willen presenteren. Bijvoorbeeld om de kansen van innovatie ‘te verkopen’ aan stakeholders, binnen of buiten de organisatie.

Een alternatief voor no-code is low code. Hiermee vallen meer complexe zaken te programmeren. Daardoor heeft het een bepaalde waarde voor organisaties, hoewel het uiteraard ook beperkingen heeft. Echter: ontwikkelingen volgen elkaar in rap tempo op en wellicht is het in de toekomst mogelijk om door middel van no-code of low-code duurzame oplossingen te ontwikkelen.

Wil je op dit moment een applicatie ontwikkelen en in gebruik nemen, dan is het raadzaam om echte code te schrijven. Je loopt immers al snel tegen de begrenzingen van deze methode aan. Dat gebeurt niet alleen als je wilt opschalen, maar ook bedrijven die inzichten uit data willen gebruiken, vinden in no-code niet de ideale methode. Daarnaast brengt het ernstige veiligheidsrisico’s met zich mee en is het de vraag hoeveel controle er is.